In een kritisch zelfonderzoek gaan Emio Greco | PC na welke klassieke academische danstechnieken op welke manier deel uitmaken van hun eigen lichaamstaal. Dit onderzoek kan een aanzet zijn om die klassieke technieken verder te laten ontwikkelen of ze zelfs nieuwe impulsen te geven.
Vertrek van deze queeste naar de geschiedenis, de verschijningsvorm, de uitdrukkingsmogelijkheden en de toekomst van het klassieke ballet werd een dialoog met
The Ropes of Time. Rudi van Dantzig creëerde dit ballet in 1970 op verzoek van Rudolf Nurejev. Van die voorstelling bestaat geen notatie of registratie.
We kozen aan de slag te gaan met werk van van Dantzig, zo motiveren Emio Greco | Pieter C. Scholten,
omdat hij met zijn erg persoonlijke, geëngageerde stijl balletten creëerde die het denken over ballet en het ervaren ervan ingrijpend veranderden.
Double Points: Rudi is tot stand gekomen op initiatief van de Nederlandse Dansdagen, die tevens coproduceerden en theater Frascati. Het Nationale Ballet stelde speciaal voor dit project danser Nicolas Rapaic beschikbaar.
"Niet dat ze van plan zijn het ballet te reconstrueren of moderniseren. Voor hun Double Points: Rudi onderzoeken ze de vraag wat het klassiek ballet betekent voor modern én internationaal ingestelde choreografen. Zo veeleisend als Nurejev (Van Dantzig: ‘Thuis een engel, in de studio een secreet’), zo rustig en bescheiden is (tweede) solist Nicolas Rapaic die Het Nationale Ballet voor Double Points: Rudi heeft uitgeleend. Groots en sterk staat hij als laatste in een rij van vier mannen, oplopend in lengte. Voor hem een andere volwassen danser, daarvoor weer de stoere Chanquito van Hoeve (15), student aan de Balletacademie. Blikvanger is zijn jaargenoot Marijn Brussaard, een engel van 14 jaar met blonde krullen." - Annette Embrechts, Volkskrant, 5 oktober 2007
"In een wit jurkje zie je Rapaic vechten om de krachtige lijnen en vormen waarin zijn lichaam normaal gesproken excelleert los te laten en mee te gaan met de andersoortige balansen van zijn zwarte schaduw." - Mirjam van der Linden, Volkskrant, 8 oktober 2007